Inferieure goederen
Wat zijn inferieure goederen?
Inferieure goederen zijn goederen waarvan de vraag afneemt naarmate het inkomen van consumenten toeneemt. Het woord “inferieur” zegt hier niets over de kwaliteit: het gaat uitsluitend om het gedrag van de vraag. Een inferieur goed is vaak een goedkoper alternatief dat mensen kopen omdat ze zich niets beters kunnen veroorloven. Als het inkomen stijgt, stappen ze over op een duurder, als beter ervaren product.
Hoe werkt de vraag naar een inferieur goed?
De mate waarin de vraag verandert bij een inkomensstijging heet de inkomenselasticiteit van de vraag. Die wordt berekend als de procentuele verandering van de gevraagde hoeveelheid gedeeld door de procentuele verandering van het inkomen.
- Inferieur goed: inkomenselasticiteit kleiner dan 0
- Normaal goed: inkomenselasticiteit groter dan 0
- Luxe goed: inkomenselasticiteit groter dan 1
Rekenvoorbeeld van een inferieur goed
Stel dat het inkomen van een huishouden met 10 procent stijgt en de gekochte hoeveelheid huismerkpasta daardoor met 5 procent daalt. De inkomenselasticiteit is dan min 5 gedeeld door 10 is min 0,5. De uitkomst is negatief, dus huismerkpasta is voor dit huishouden een inferieur goed.
Voorbeelden van inferieure goederen
Veelgenoemde voorbeelden zijn huismerkproducten, instantvoeding, tweedehands kleding en goedkope vervoersmiddelen. Het is altijd afhankelijk van de groep en het inkomensniveau: wat voor de ene consument inferieur is, kan voor een ander een normaal goed zijn. Ook binnen één huishouden kan een product vanaf een bepaald inkomen inferieur worden.
Verschil met andere soorten goederen
Het onderscheid tussen inferieur, normaal en luxe gaat over inkomen. Andere indelingen kijken naar andere eigenschappen. Publieke goederen zijn niet uitsluitbaar en niet rivaliserend (zoals een dijk). Individuele of private goederen kunnen wel worden uitgesloten van gebruik. Substitutiegoederen kunnen elkaar vervangen. Een primair goed is een goed dat nodig is voor de eerste levensbehoeften, zoals voedsel.
Voor meer over hoe de vraag op veranderingen reageert, zie elastische en inelastische vraag.
Veelgestelde vragen over inferieure goederen
Wat is een inferieur goed?
Een inferieur goed is een goed waarvan de vraag afneemt als het inkomen stijgt. De inkomenselasticiteit is dan negatief.
Wat zijn voorbeelden van inferieure goederen?
Typische voorbeelden zijn huismerkproducten, tweedehands kleding en openbaar vervoer boven een eigen auto, mits mensen bij een hoger inkomen overstappen.
Wat zijn voorbeelden van publieke goederen?
Publieke goederen zijn niet uitsluitbaar en niet rivaliserend, zoals dijken, straatverlichting en nationale defensie. Dat is een ander onderscheid dan inferieur versus normaal.
Wat zijn substitutiegoederen?
Substitutiegoederen zijn goederen die elkaar kunnen vervangen, zoals boter en margarine. Stijgt de prijs van het ene, dan stijgt de vraag naar het andere.