Stroomgrootheid en voorraadgrootheid
Wat zijn stroomgrootheid en voorraadgrootheid?
In de economie onderscheid je twee soorten grootheden. Een stroomgrootheid meet je over een periode: hoeveel is er in een maand, kwartaal of jaar bijgekomen of uitgegeven. Een voorraadgrootheid meet je op een peildatum: hoeveel is er op dat moment. Het beeld van een badkuip helpt: de kraan is de stroom, het water in het bad de voorraad.
Verschil tussen stroomgrootheid en voorraadgrootheid
| Kenmerk | Stroomgrootheid | Voorraadgrootheid |
|---|---|---|
| Meting | Over een periode | Op één moment |
| Eenheid | Euro per maand, per jaar | Euro op een datum |
| Voorbeelden | Inkomen, consumptie, investeringen, bbp | Vermogen, schuld, kapitaalgoederen, geldhoeveelheid |
| Verband | Verandert de voorraad | Is de opgebouwde som van stromen |
Voorbeelden van stroom en voorraad
- Je salaris is een stroom, je spaargeld een voorraad. Zie ook het verschil tussen inkomen en vermogen.
- Het begrotingstekort van de overheid in een jaar is een stroom, de staatsschuld op 31 december een voorraad.
- Investeringen in een jaar zijn een stroom, de totale hoeveelheid kapitaal in een land een voorraad.
- Het bbp over een jaar is een stroom. De welvaart die in het land is opgebouwd, bijvoorbeeld in woningen en machines, is een voorraad.
Rekenvoorbeeld van stroom en voorraad
Stel dat iemand begint met 12.000 euro spaargeld (voorraad). Per maand spaart hij 500 euro (stroom). Na 6 maanden is de voorraad 12.000 + 6 x 500 = 15.000 euro. De stroom is nog steeds 500 euro per maand, de voorraad is gegroeid.
Let op bij stroom en voorraad
Reken nooit een stroom en een voorraad zonder meer bij elkaar op of tegen elkaar af. Een inkomen van 3.000 euro per maand is niet vergelijkbaar met een vermogen van 3.000 euro. Een verhouding als schuld als percentage van het bbp mag wel, omdat daarin duidelijk een voorraad door een stroom wordt gedeeld.
Veelgestelde vragen over stroomgrootheid en voorraadgrootheid
Wat is een stroomgrootheid?
Een grootheid die je over een periode meet, zoals inkomen per maand, uitgaven per jaar of het bbp van een kwartaal.
Wat is een voorraadgrootheid?
Een grootheid die je op een bepaald moment meet, zoals het saldo van je bankrekening, het vermogen of de staatsschuld op een datum.
Wat is het verschil tussen stroomgrootheid en voorraadgrootheid?
Een stroom heeft een tijdseenheid (per maand, per jaar), een voorraad heeft een peildatum. Stromen veranderen de voorraad.
Wat is een stroomgrootheid in de economie?
Voorbeelden zijn het bbp, de investeringen, de consumptie en het begrotingstekort over een jaar.
Is een schuld een stroom of een voorraad?
De schuld op een datum is een voorraad. Het begrotingstekort in een jaar is de stroom die de schuld laat toenemen.