Constante en variabele kosten
Wat zijn constante en variabele kosten?
Constante kosten (ook wel vaste kosten) zijn kosten die in een bepaalde periode gelijk blijven, ongeacht hoeveel je produceert of verkoopt. Variabele kosten veranderen wel met de productie of afzet: maak je meer, dan betaal je meer.
Een kostenpost is zelden precies constant of variabel. Constant geldt meestal binnen een bepaald productiebereik. Bij een sterke groei kan er extra machinecapaciteit of een tweede pand nodig zijn, waardoor ook de constante kosten stappen omhoog maken.
Verschil tussen constante en variabele kosten
| Constante kosten | Variabele kosten | |
|---|---|---|
| Reageren op productie | Nee | Ja |
| Voorbeelden | Huur, afschrijving, verzekering, vast salaris | Grondstoffen, verpakking, transport, provisie |
| Per stuk bij meer productie | Dalen | Blijven gelijk (bij proportionele kosten) |
| Afkorting | CK of TCK | VK of TVK |
Wanneer variabele kosten exact meegroeien met de productie, spreek je van proportioneel variabele kosten. De som van de variabele kosten bij een bepaalde productie vind je op totale variabele kosten.
Formule van constante en variabele kosten
Totale kosten = constante kosten + variabele kosten
Variabele kosten = variabele kosten per stuk x aantal stuks
Constante kosten = totale kosten min totale variabele kosten
Rekenvoorbeeld van constante en variabele kosten
Stel dat een bakkerij 2.000 euro constante kosten per maand heeft (huur, afschrijving en verzekering) en 3 euro variabele kosten per stuk (meel, energie en verpakking). Dit is een voorbeeld met aangenomen cijfers.
Bij 500 stuks zijn de variabele kosten 500 x 3 = 1.500 euro. De totale kosten zijn 2.000 + 1.500 = 3.500 euro. Per stuk is dat 3.500 / 500 = 7 euro.
Bij 1.000 stuks zijn de variabele kosten 3.000 euro en de totale kosten 5.000 euro. Per stuk is dat 5 euro. De kostprijs daalt doordat de constante kosten over meer stuks worden verdeeld. Het effect van de laatst geproduceerde eenheid zie je in de marginale kosten, en het verband met winst in het break-evenpunt of de break-even tool.
Waar let je op bij constante en variabele kosten?
Indelen kan per bedrijf verschillen. Een elektriciteitsrekening is deels constant (vastrecht) en deels variabel (verbruik). Een salaris is constant bij een vast contract, maar variabel bij uitzendkrachten of provisie. Er bestaat verder geen vaste lijst van zeven kostensoorten: de indeling in constante en variabele kosten is de gangbare basis, en daarnaast worden kosten ingedeeld naar bijvoorbeeld directe en indirecte kosten of naar de functie in het bedrijf.
Veelgestelde vragen over constante en variabele kosten
Is afschrijving een constante kost?
Ja, afschrijving is meestal een constante kost. Het bedrag per jaar hangt af van de aanschafwaarde en de levensduur en niet van het aantal geproduceerde stuks.
Wat zijn voorbeelden van constante of vaste kosten?
Huur van het pand, verzekeringen, rente over een lening, afschrijving en de salarissen van vast personeel zijn voorbeelden van constante kosten.
Wat valt er onder variabele kosten?
Onder variabele kosten vallen grondstoffen, verpakking, transport per bestelling, provisies en energie die direct afhangt van de productie.
Hoe bereken je de constante kosten?
Constante kosten bereken je door alle kosten op te tellen die niet met de productie meebewegen. Of: totale kosten min totale variabele kosten.
Wat is het verschil tussen variabele en constante kosten?
Constante kosten blijven gelijk bij een andere productie, variabele kosten stijgen of dalen met de productie. Per stuk is het omgekeerd: constante kosten per stuk dalen bij meer productie.